Lagere sociale groepen willen stoppen met roken

Belgen uit lagere sociale groepen roken het meest, maar zijn ook het meest van plan om te stoppen. Dat blijkt uit onderzoek van het OIVO (Onderzoeks- en Informatiecentrum van Verbruikersorganisaties) eind 2007.

Het percentage rokers is in de lagere sociale groep het meest gestegen: 9% is opnieuw begonnen het afgelopen jaar. Toch wil ongeveer de helft van deze rokers in de nabije toekomst stoppen.

Over het algemeen rookt 21 à 23% van de volwassen Vlaamse bevolking. In Nederland ligt dat percentage op ongeveer 28%. Het is al jaren bekend dat met name lagere sociale klassen roken. Er zijn een aantal theorieën over. Hebben mensen in lagere sociale milieus minder toegang tot informatie? Informatie over de gevolgen van roken kun je echter nauwelijks ontlopen. Het staat nota bene zelfs op de pakjes sigaretten. Kan het zijn dat mensen die in de hoek zitten waar het leven minder voorspoedig verloopt minder geloof hecht aan zulke boodschappen? Is er meer groepsdruk om juist dat soort gedrag op te pakken en vol te houden? Of - en dat is één van de meest gehoorde veronderstellingen - heeft het te maken met de overtuiging dat men niet altijd controle op het eigen leven heeft.

Locus of Control heet dat in het Engels. Als je pech hebt gehad op school en er uiteindelijk maar van af bent gegaan, als je werk doet dat minder aantrekkelijk is en daar gewend bent weinig eigen initiatief te vertonen, als je deel uit maakt van een eenoudergezin, dan is het niet vreemd dat je minder het gevoel hebt dat je zelf wat in je leven gebeurt controleert. Zo’n houding maakt het mogelijk ook moeilijker om met roken te stoppen, ook al heb je het besloten.
 
05-06-2008



Zoeken: