|
|
|||||||||||
|
|||||||||||
De 8e week, De verleidingIk heb gerookt!
Jawel, jullie lezen het goed. Ineens had ik een enorme behoefte (géén trek maar echt behoefte) in een sigaret. Eigenlijk zat ik al dagen niet lekker meer in mijn vel en misschien zou doormiddel van een sigaret te roken, mijn neerslachtigheid wel eens verdwijnen. Natuurlijk heb ik bij die eerste opwelling niet meteen die sigaret gepakt maar was het eerst een welles, nietes spelletje geworden, rondjes in de kamer gelopen, en gezucht. Mijn gedachten probeerde ik krampachtig op een ander spoor te zetten maar na verschillende pogingen kwam ik steeds weer uit bij het idee dat het vast geen vast kwaad kon om een sigaretje te roken. Hoe meer ik aan het trap er niet in gevoel dacht, hoe meer ik naar die sigaret verlangde.
- Ik zou heus niet weer meteen verslaafd raken, ik ben al ruim 8 weken gestopt toch – De verleiding was zo aanwezig en het vlees is zwak zal ik maar zeggen. De speurtocht naar het zoeken naar die ene sigaret was begonnen. Ergens in de boekenkast moest nog een aangebroken pakje sigaretten liggen… voor geval van nood! – Fout, hoezo nood, je had dat pakje 8 weken geleden meteen weg moeten gooien. Erg zwak hoor – Ja, ik weet het …had ik dat pakje nou maar weggegooid, dan was ik niet in de verleiding gekomen. De deur uit gaan om een pakje te kopen had ik heus niet gedaan want dat zou pas echt desperaat zijn. Maar het was te laat, het was gebeurd. Ik pakte de sigaret uit het pakje en zonder aarzelen stopte ik het tussen mijn lippen en stak het aan. Inhaleren en even voelen wat er zou gebeuren met mij. Nog een trekje…het was helemaal niet vreemd om die sigaret tussen mijn vingers te houden. Nog een trekje. Maar na het derde trekje gebeurde het. Oehhhhhhh joh, jeetje hé, te gek joe hee…wauw…ik werd licht in mijn hoofd en werd me toch een potje duizelig. Ik durfde niet meer verder te roken en maakte de sigaret onder de kraan uit en smeet het al vloekend in de prullenbak. Ik klapte mijn tong tegen mijn verhemelte en proefde de vieze nicotine smaak. Gadverdamme, ik wilde die smaak helemaal niet meer in mijn mond hebben. Waarom moest ik weer zo vreselijk nieuwsgierig zijn? En nog erger…waarom moest ik nu weer zo zwak zijn en me laten verleiden door die receptor…dat gemene monstertje. - Ja, doe maar stoer, geef mij maar weer de schuld – Beter voelde ik me in elk geval niet na het roken van die sigaret. Nee, ik laat me niet meer verleiden. Het lijden dat ik in het begin heb doorstaan moet toch niet voor niets zijn geweest. Ik ben weer gemotiveerd. |
|
||||||||||


