Anxiolytica

Angst kan meewerken aan het verhogen van het rookgedrag en kan een symptoom zijn van het stoppen met roken. Mensen met psychiatrische problemen roken ook aanzienlijk meer dan mensen zonder. Medicijnen die angst reduceren kunnen, theoretisch gezien, rokers helpen om te stoppen. Er is in 2005 een overzicht gemaakt van alle onderzoeken over het verband tussen roken van nicotine en paniekstoornis en fobieën. Uit het onderzoek werd duidelijk dat roken en paniekstoornissen vaak samengaan.
 
Roken voorspelt of gaat vaak samen met kwetsbaarheid voor paniek. Rokers die gevoeliger zijn voor angst roken vaker om hun negatieve gevoel te beheersen en ze zijn minder goed in staat zijn om (vooral in de eerste stadia van een poging met roken te stoppen) beginnende onthoudingsverschijnselen te tolereren. Angst onderdrukkende medicijnen (anxiolytica) behoren meestal tot de groep van de benzodiazepinen (populaire slaapmiddelen en tranquillizers). Ze kunnen uitsluitend op doktersvoorschrift worden verkregen.                       

Er zijn niet veel behoorlijke onderzoeken (trials) geweest en geen van hen liet sterk bewijs zien dat het een effect heeft op het stoppen met roken. Onderzocht zijn: diazepam (Diazepam®, Valium®), buspiron (Buspar®), ondansetron (Zofran®), en meprobamaat (Pertranquil®, Reposo Mono®, Sanobamat®).  Medicijnen die tegen angstgevoelens werken, zijn niet aantoonbaar behulpzaam bij het stoppen met roken. Ze worden daarom niet voor dit doel geadviseerd.




Zoeken: